Een concert aangeduid als heuse ‘cd-presentatie’ dik twee weken na de release van derde Spinvis-album tot ziens, Justine Keller? Is dat niet een tikkie laat? Neen dus. Dat blijkt een meer uitgekiende vondst te zijn. Na enkele try out-optredens door het land en een korte set op Crossing Border afgelopen weekend, blijkt de vijfkoppige Spinvis-liveband dinsdagavond in een ver van tevoren uitverkocht Tivoli te Utrecht pas echt volledig op scherp te staan voor de live-presentatie van al die prachtige nieuwe liedjes, met enkele mooie verrassingen op de koop toe. En de liefhebbers die een kaartje kochten voor een van deze weinige echte concerten die Spinvis dit jaar nog geeft, hebben de kans gehad om het nieuwe album al aardig tot goed te leren kennen, zodat ze deze avond niet alleen maar volslagen onbekende muziek te horen krijgen. En dat werkt duidelijk, want het overgrote deel van de zaal is vanaf het moment dat Erik ‘Spinvis’ de Jong en zijn vier muzikanten opkomen volledig bij de les, om zo goed mogelijk te kunnen bestuderen hoe de in eigen huis en studio zorgvuldig in elkaar geknutselde liedjes vol details live worden uitgevoerd. Want bij Spinvis live krijgen de meeste liedjes flink anders ingevulde bandarrangementen, hoewel ze altijd volstrekt herkenbaar blijven en niets van hun zeggingskracht verliezen. Het is de galmende zangstem van celliste Saartje van Camp die het concert opent met het thema rond de figuur Justine Keller, zoals die ook meerdere keren terugkeert op de plaat, overvloeiend in een heel stil startend De Grote Zon, meteen een van de ontroerendste liedjes van het nieuwe album. Daarvoor zijn bij de entree van Tivoli misschien terecht ‘stilte graag’-flyers uitgedeeld, maar denk daarom vooral niet dat dit een rustige avond wordt. Want juist bij de uitbundiger liedjes transformeert Spinvis vanavond bij vlagen zelfs bijna tot een heuse rockband, maar wederom nooit ten koste van de schoonheid. Heel Goed Nieuws ontpopt zich tot een flink swingende kneiter, mede dankzij het volle, kraakheldere zaalgeluid, en Koning Alcohol (‘Eigenlijk is het helemaal niet zo’n goede vriend’) wordt zo een veel voller klinkende meezinger met koortjes en dat leuke, ietwat dronken einde. Een zeldzaamheid bij een concert als dit: iedere mooie tekstregel die Erik de Jong zingt, hoe zachtjes ook of hoe stevig de band ook speelt, is goed te verstaan. Zodat nog eens opvalt hoe zijn teksten op een wonderlijke manier net zo herkenbaar als vreemd kunnen zijn. Dat doet al jaren niemand in Nederland hem na. Het is bovendien bij Koning Alcohol dat de figuur in pak op links van het podium opvalt; het blijkt Hanco Kolk te zijn, de man die tot ziens, Justine Keller verstripte en voor de gelegenheid live visuals tekent bij enkele liedjes. Dat doet hij op een tablet in verbinding met een videoscherm achter de band, zodat de hele zaal nieuwsgierig kijkt welke figuren er uit man’s vingers komen. Een vrouw die gekust wordt door een groen wezen bij Koning Alcohol, een treurige man met een glas wijn bij Begin Oktober, dat overigens in de live-uitvoering een bijna human beatbox-achtig outro krijgt door de hele band. Ook tekent hij al dansend mysterieuze ogen in oranje abstracte figuren in het duister bij Club Insomnia, op plaat al een duistere, niet te stoppen stoomtrein, die live dankzij de oneindig door dreunende basgitaar al helemaal hevig doordendert, een stuk langer uitgesponnen bovendien en met een dissonante cello-solo van Saartje van Camp die ons nog lang zal heugen. Een absoluut contrast hiermee, maar net zo goed herkenbaar als Spinvis, zijn het kleine liedje Overvecht (over deze Utrechtse wijk, oorlog én de toekomst) en het juist zo bedrieglijk vrolijke We Vieren Het Toch, live net zo frivool en licht als op plaat met die aanstekelijke xylofoon-loopjes, hoewel er eigenlijk nog altijd niets te vieren valt rond dit ontroerende afscheid. En toch: “Dit moet ‘m wel zijn, de mooiste avond ooit.” Al dat nieuwe werk - op geheimzinnig pianostuk Jij Wint na wordt het hele nieuwe album gespeeld - wordt afgewisseld met liedjes van het Spinvis-debuut, die naast de nieuwe nummers nog net zo fris klinken als tien jaar geleden, mede dankzij weer iets veranderde live-uitvoeringen van Ronnie Gaat Naar Huis en Voor Ik Vergeet. Het is echter afsluiter Kom Terug van het nieuwe album dat wederom voor het dikste brok in de keel zorgt; Spinvis maakte niet eerder zo’n jubelend, puur popliedje dat zo aanmoedigend werkt en live ook nog eens ferm blijkt te kunnen rocken. Veel meezingen deed de zaal tot dan toe nog niet, maar daarvoor is dan nog een geweldige toegift, met Bagagedrager, Wespen op de Appeltaart en een lekker lome versie van Ik Wil Alleen Maar Zwemmen van het tot nog toe genegeerde Dagen van gras, dagen van stro, waarvan ondergetekende nooit wist dat het zo’n publieksfavoriet was die tot achterin wordt meegezongen. Jippie-ja-jee, ook voor de zingende zaag-solo die we hier te horen krijgen. En zo kan het gebeuren dat een cd-presentatie van een uur en drie kwartier doodleuk een van de mooiste concerten oplevert. Wat heet: weinig bands lieten mij en vele anderen om me heen met zo’n warm en ontroerd gevoel achter als Spinvis deze avond in Tivoli. Alleen wie echt niet van Spinvis houdt - eigenlijk niet voor te stellen -, heeft dus een geldig excuus om volgend jaar de uitgebreidere tournee over te slaan. Anders niet.Spinvis in Tivoli: ‘Dit moet ‘m wel zijn, de mooiste cd-presentatie ooit’
Recensie Spinvis @ Tivoli 23-11-11 (Kicking the Habit)